Vertelsels

Zelfdoding

Nog nooit heb ik een doodswens gehad – zelfs niet in perioden van zware tegenspoed, zelfs niet op die momenten in mijn leven waarop alles donker leek en ik de moed dreigde te verliezen. Natuurlijk heb ik me wel eens proberen voor te stellen hoe het zou zijn om een einde aan mijn leven te maken. Ik deed dat gedachte‑experiment vooral uit nieuwsgierigheid, niet omdat ik die mogelijkheid serieus overwoog. En als ik daar dan over verder mijmerde, begon zich in mijn hoofd altijd een scène af te spelen. Ik zag mezelf thuis, zittend op de bank, met gesloten gordijnen. Nadat ik een goede avondmaaltijd had gebruikt, stak ik tientallen kaarsen aan. Ik schonk een glas goede whisky in en zette mooie muziek op, bijvoorbeeld de mis in b mineur van Bach. Vlak voor me, op de salontafel lag een dodelijke pil.

Rond middernacht, nadat ik mijn tanden had gepoetst, nam ik die pil met een glas water in. Ik liep een rondje door de kamer om alle kaarsen uit te blazen en ging de trap op. In bed lag ik nog een poos naar het donkere plafond te staren. Ik voelde dat ik langzaam doezelig werd en wist dat ik weldra voor de laatste keer in slaap zou vallen en nooit meer wakker zou worden. Ik zou van de wereld verdwijnen; en vervolgens zou ik niets meer weten, ook niet dat ik vrijwillig de uitgang had gezocht. Al mijn gedachten en herinneringen waren in een onvoorstelbaar, oneindig niets opgegaan. Na mijn heengaan was ik er eenvoudigweg niet meer.

Als ik op dat punt was aanbeland – dat punt waarop ik in bed op mijn dood lag te wachten – werd mijn fantasie steevast verstoord. Dan vroeg ik me altijd af (terwijl ik als een toeschouwer buiten het verhaal ging staan) of de doodsangst in zo’n situatie plotseling zou kunnen toeslaan. Immers, in het verhaal dat zich in mijn verbeelding afspeelde, wist ik dat het gif al aan het werk was en ik dus niet meer terug kon; en ik besefte ook dat ik nog even moest wachten voordat ik zachtjes in die allerlaatste nacht zou wegglijden. Zou ik dan bang worden? Zou ik spijt krijgen? Zou ik die laatste minuten misschien zelfs door blinde paniek overvallen worden? Deze verontrustende vragen zorgden ervoor dat ik snel wegrende – weg van de fictie, terug naar de werkelijkheid. Verder dan dit theatrale verzinsel ben ik nooit gegaan. Zelfdoding is nooit een optie geweest. Ik kon me gewoon niet voorstellen dat ik er een einde aan zou willen maken.

Dat is nu veranderd. De wereld is sinds het vroege voorjaar van 2020 overgeleverd aan misdadigers en psychopaten die het menselijk leven elke dag weer een stukje minder menselijk maken. Niet alleen in Nederland is het bestaan in een hel veranderd, ook in andere landen is dit gebeurd. Ontsnappen is dus onmogelijk want overal ter wereld is dezelfde waanzin losgebarsten. En er is geen hoop op verlossing.

Sinds ik die nieuwe werkelijkheid om me heen zie, vraag ik me regelmatig af of deze wereld eigenlijk nog wel leefbaar is. Is de pijn nog te dragen? Is het leven nog zinvol? Ik heb vooralsnog geen antwoord op die vragen. Ik ben op zoek naar manieren om in deze gekwelde tijden een vredig leven te leiden zonder in illusies te vluchten. En ik probeer te erkennen dat, als zo’n leven niet meer mogelijk is, een zelfgekozen aftocht wel eens het enige waardige en eervolle alternatief zou kunnen zijn. De toekomst zal het leren!


Ga naar: inhoudsopgave miniaturen.