Vertelsels

Sinds ik dood ben

Onlangs zat ik na te denken over een nieuw verhaal. Ik stelde me voor dat de verteller een onlangs overleden man was, die vanuit het hiernamaals terugkeek naar de wereld die hij zojuist had verlaten. Even later kwam er een eerste alinea in me op:

“Sinds ik dood ben, snap ik nog minder van de wereld dan toen ik nog leefde. Het domein van het stoffelijke, dat grillige landschap waarin ik hiervoor vertoefde, is in mijn nieuwe bestaan niet begrijpelijker geworden, maar juist veel raadselachtiger. Als ik nu naar het ondermaanse kijk, roept alles wat ik waarneem vragen in me op. Zo begrijp ik bijvoorbeeld niet wat ruimte is – wat plaats, afstand en beweging betekenen. En ik zie niet die scherpe grens tussen fictie en realiteit die de aardbewoners wel menen te zien, en waar zij veel waarde aan hechten. Ook verbaas ik me als ik mensen hoor vragen naar ‘het waarom’ van een verschijnsel of gebeurtenis, met in hun ogen een blik die me vertelt dat ze werkelijk geloven dat er een antwoord op die vraag bestaat. Heel merkwaardig komt dit alles me voor – heel apart. Maar momenteel is Chronos, de godheid die op aarde ‘de tijd’ wordt genoemd, toch wel de grootste veroorzaker van mijn verwarring. Door hem raak ik af en toe helemaal de kluts kwijt.”

Misschien zal ik dit verhaal nog ooit schrijven. Het begin heb ik in elk geval al.


Ga naar: inhoudsopgave miniaturen.