Vertelsels

Quarantaine

Tijdens een wandeling door de stad blijf ik een ogenblik stilstaan bij een groot appartementengebouw. Het is een modern wooncomplex voor zorgbehoevende bejaarden. Voor deze oude mensen is dit de laatste woonplek in hun aardse leven. Velen hebben al afscheid genomen van hun geliefde man of vrouw en zitten nu in hun eentje hun resterende dagen te slijten. Ik laat mijn blik langs de gevel gaan en zie de oudjes achter hun ramen zitten. Ze turen onafgebroken in de verte. Op de derde etage zit een vrouw naar mij te zwaaien. Ik zwaai terug en probeer te glimlachen, wetend dat dit vandaag een van haar weinige momenten van menselijk contact is. Haar kinderen mogen niet op bezoek komen, haar kleinkinderen evenmin. Dit is niet haar eigen keuze maar het beleid van de zorginstelling. Bezoekers worden eenvoudigweg niet toegelaten – daarover is geen discussie mogelijk.

Na nog een paar stappen te hebben gezet, kom ik bij de hoofdingang. Ik gluur door de glazen deur naar binnen en zie een groot bord aan de muur met een bericht voor de bewoners:

Het is verboden naar buiten te gaan.
Anders zijn wij verplicht u 15 dagen in quarantaine te plaatsen op uw kamer.
De Directie.

Onlangs las ik een artikel in het plaatselijke krantje waaruit bleek dat men de daad bij het woord had gevoegd. Een man van achtenzeventig was toch stiekem weg geslopen om naar de verjaardag van zijn kleinzoon te gaan. Bij thuiskomst werd hij bij de deur door twee verplegers in plastic pakken opgevangen. Vijf minuten later werd hij in zijn kamer opgesloten. Toen ik dat verhaal las, moest ik denken aan het beroemde boek Inferno van Dante Alighieri waarin hij zijn lezers vertelt over een bord dat boven de poort van de hel hangt, met het opschrift: ‘Laat varen alle hoop, gij die hier binnentreedt.’


Ga naar: inhoudsopgave miniaturen.